Rijksbegroting 2027: geen verrassingen
De op Prinsjesdag gepresenteerde Rijksbegroting voor 2027 bevat geen verrassingen voor onze sector. Het is vooral een bevestiging van al eerder aangekondigd beleid, zoals het opnieuw investeren in ontwikkelingssamenwerking.
Een greep uit de relevante onderwerpen en passages uit de rijksbegroting:
Regeldruk
Het kabinet wil de regeldruk verminderen en zegt daarover het volgende:
"Een eerste stap is: zelfbeheersing in het maken van nieuwe regels. Dus stoppen met het stapelen van uitzondering op uitzondering. Anders blijft het dweilen met de kraan open. De tweede stap is: minder regels. Ieder jaar, te beginnen dit najaar, dient het kabinet een Vereenvoudigingswet in, gericht op het afschaffen van overbodige regels en wetten. Het doel is dat per jaar minimaal vijfhonderd regels verdwijnen of eenvoudiger worden."
Goede Doelen Nederland is positief over deze intentie. De regeldruk voor maatschappelijke organisaties is namelijk aanzienlijk vanwege de complexiteit en opeenstapeling van regels. Dit heeft een negatieve invloed op hun werk. Een waarschuwing is wel op zijn plaats. Het kabinet lijkt de lijn van de Europese Commissie, zoals vastgelegd in het Europese Omnibusvereenvoudigingspakket, te omarmen waarbij vereenvoudiging de norm wordt. In de praktijk komt deze vereenvoudiging, of deregulering, veelal neer op het afzwakken van het beschermingsniveau met name op het gebied van duurzaamheid en digitalisering. In plaats van een helder afwegingskader waarin ook de beschermende functie van wetgeving wordt meegewogen, kiest het kabinet voor een willekeurig gekozen kwantitatieve doelstelling van ‘500 regels’ die geschrapt moeten worden. Daarmee wordt deregulering een doel op zich, voorbijgaand aan de functie van wet- en regelgeving. Ook het schrappen van nationale koppen op EU-regels is zorgelijk, omdat deze vaak noodzakelijk zijn om Europese kaders effectief te vertalen naar de Nederlandse context.
Fiscaal
Uit de begroting blijkt dat aan het fiscale stelsel (inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting), voorzover van belang voor goede doelen, niet wordt getornd. De giftenaftrek blijft in stand en ook de teruggaafregeling energiebelasting blijft in stand. Dit is van groot belang voor de sector.
Het maatschappelijk belang van filantropie
”Filantropie: Nederland kent van oudsher een grote rijkdom aan maatschappelijke betrokkenheid en filantropische initiatieven. JenV is het coördinerend beleidsdepartement op filantropie en zet zich in voor borging en versterking van het maatschappelijk belang van filantropie. Dit gebeurt aan de hand van een combinatie van formele wetgeving en zelfregulering vanuit de sector. De drie Rijksbrede speerpunten zijn: het stimuleren van geefgedrag, het bevorderen van transparantie en betrouwbaarheid van de sector en het bevorderen van de samenwerking tussen overheid en filantropie. JenV subsidieert daartoe verschillende initiatieven en activiteiten waarmee een bijdrage wordt geleverd aan de beleidsuitgangspunten, waaronder de toezichthoudende werkzaamheden van het CBF – Toezicht op Goeddoen en het tweejaarlijkse onderzoek ‘Geven in Nederland’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.” Het is goed dat de waarde van onze sector wordt onderkend en deze ondersteuning wordt gegeven.
Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking
”Het kabinet onderkent de kracht en meerwaarde van het maatschappelijk middenveld en herstelt de relatie met maatschappelijke organisaties. De versterking van het Nederlandse, internationale en lokale maatschappelijk middenveld is een belangrijke pijler van het Nederlandse buitenlandbeleid. Het kabinet heeft daarbij nadrukkelijk aandacht voor lokaal eigenaarschap, gelijkwaardigheid en duurzame versterking van lokale capaciteit.
Nederland zet zich in voor het opkomen van democratische waarden met gelijkgestemde landen en in samenwerking met maatschappelijke organisaties en burgerinitiatieven. Dit doen we bijvoorbeeld door specifieke programmering gericht op versterking van democratie en het maatschappelijk middenveld en tijdens ons voorzitterschap van de Raad van Europa in 2027. Ook onderzoeken we met welke (nieuwe) bondgenoten we de samenwerking op dit terrein kunnen vergroten.”
In de begroting wordt ook extra geld voor ontwikkelingssamenwerking opgenomen. Aangegeven wordt: “Het kabinet investeert weer in ontwikkelingssamenwerking. Ons hoofddoel is om bij te dragen aan sociaaleconomische ontwikkeling van landen in het Mondiale Zuiden en hulp aan mensen in nood, overeenkomstig de ODA-definitie.” Samen met Partos, branchevereniging voor ontwikkelingssamenwerking, zijn we blij met investeringen in internationale samenwerking. Daarbij valt op dat er nu vanuit ODA-middelen geïnvesteerd wordt in Oekraïne, het BHOS-budget moet dus worden verdeeld over nog meer conflicten.
De-risking
Het kabinet geeft op dit onderwerp het volgende aan: “Om ons financieel systeem schoon te houden van criminele geldstromen vindt het kabinet het belangrijk dat de risicogebaseerde aanpak van de antiwitwaswetgeving goed wordt uitgevoerd door financiële instellingen en toezichthouders. Dat betekent dat de inzet en maatregelen daar worden ingezet waar de risico’s het hoogst zijn en minder waar deze lager zijn.” Dit juichen wij van harte toe. Er zijn al stappen gezet, maar dit moet en kan nog beter. In de NVB Sector Standaard voor Not-for-Profit Organisaties (NPO) wordt het hebben van een CBF-Erkenning als een risico mitigerende omstandigheid aangemerkt. Dit doet recht aan de zelfregulering in onze sector. Maar nog te vaak ondervindt onze sector ten onrechte hinder van de-risking.