Staatssecretaris Financiën ziet af van geefsubsidie
Staatssecretaris Eerenberg (Financiën) heeft de brief Stand van zaken verbetermogelijkheden ANBI-regeling naar de Tweede Kamer gestuurd. Hij spreekt in deze brief zijn waardering uit voor maatschappelijke organisaties en onderstreept hun onmisbare rol voor de samenleving. Ook gaat hij in op onder meer de geefsubsidie, regeldruk, ANBI‑portals en de mogelijkheden om niet‑ANBI’s te steunen. De brief bevat een aantal belangrijke en positieve uitkomsten voor de sector.
Geefsubsidie komt er niet
De staatssecretaris ziet af van de geefsubsidie. In eerdere voorstellen was deze subsidie genoemd als alternatief voor de giftenaftrek. Goede Doelen Nederland en CIO hebben steeds onze principiële en inhoudelijke bezwaren tegen de geefsubsidie geuit. Wij stellen het bericht van de staatssecretaris dan ook zeer op prijs.
Meer duidelijkheid over steun aan niet-ANBI’s
Er is in de sector onrust ontstaan over de door de Belastingdienst aangegeven regel dat maatschappelijke organisaties geen steun (anders dan projectsteun) zouden mogen geven aan organisaties zonder ANBI‑status. Met name voor internationaal werkende organisaties is dat in de praktijk niet of moeilijk werkbaar. De staatssecretaris geeft hierover belangrijke verduidelijking.
ANBI’s mogen financiële ondersteuning bieden aan niet‑ANBI’s, mits zij kunnen aantonen dat de middelen worden besteed in lijn met de algemeen nuttige doelstelling. Daarbij geldt:
‘Als een ANBI gelden bestemt voor een algemeen nuttig project of een algemeen nuttige activiteit van een andere instelling en erop toeziet dat de gelden daadwerkelijk hieraan worden besteed, zal over het algemeen aan deze bewijslast zijn voldaan. Dat geldt ook wanneer dat project of die activiteit een langere looptijd kent’, aldus de staatsecretaris.
Wanneer financiële ondersteuning wordt geboden aan een instelling zonder ANBI-status en geen afspraken zijn gemaakt over de besteding, zal het in de praktijk lastiger zijn om aannemelijk te maken dat gelden ten goede komen aan het algemeen nut. Dat neemt niet weg, geeft de staatssecretaris aan, dat beoordeling moet plaatsvinden op basis van de feiten en omstandigheden van het geval.
Wij verwelkomen het voornemen van de Belastingdienst om dit verder uit te werken in praktische handvatten voor organisaties. Over de invulling daarvan gaan wij graag in gesprek.
Meer bekendheid voor groepsbeschikking
Wij beschouwen het als een waardevolle stap dat de staatssecretaris aankondigt dat de Belastingdienst de mogelijkheid van een groepsbeschikking actiever onder de aandacht gaat brengen. Deze regeling bestaat al langer, en is voor kerkgenootschappen ook een staande praktijk, maar voor andere maatschappelijke organisaties blijkt deze regeling nog onvoldoende bekend en benut.
Een groepsbeschikking maakt het mogelijk dat een categorie instellingen of een groep met elkaar verbonden organisaties gezamenlijk als ANBI wordt aangemerkt. Dit kan een aanzienlijke vermindering van administratieve lasten opleveren.
Algemene belastingplicht disproportioneel
In een eerdere Kamerbrief over de ANBI-evaluatie werd de mogelijkheid van een algemene belastingplicht voor alle stichtingen en verenigingen voorgesteld als alternatief voor de huidige informatieplicht voor voormalige ANBI’s.
Hoewel het begrijpelijk is dat de regering oneigenlijk gebruik van de ANBI‑regeling via het prijsgeven van de ANBI-status wil tegengaan, vindt Goede Doelen Nederland deze maatregel disproportioneel. Om verplichtingen voor voormalige ANBI’s aan te scherpen, hoeven niet alle verenigingen en stichtingen met een algemene belastingplicht belast te worden. Dit zou een enorme lastenverhoging voor ANBI’s betekenen.
De staatssecretaris geeft in de meest recente Kamerbrief aan dat de Tweede Kamer op een later moment afzonderlijk wordt geïnformeerd over de mogelijke invoering van een algemene belastingplicht. Wij blijven hierover in gesprek met het ministerie en volgen de ontwikkelingen op de voet.
Bestedingsverplichting voor voormalige ANBI's
Naast de mogelijkheid om stichtingen en verenigingen onder de algemene belastingplicht te laten vallen, zijn twee andere maatregelen onderzocht:
een bestedingsverplichting voor voormalige ANBI’s; en
een fiscale eindheffing bij het verlies van de ANBI-status.
Uit dit onderzoek concludeert de staatssecretaris dat een bestedingsverplichting juridisch goed uitvoerbaar is. Een fiscale eindheffing blijkt daarentegen zeer complex en kent veel nadelen. Daarom wordt ervoor gekozen om alleen de bestedingsverplichting verder uit te werken.
De bestedingsverplichting houdt in dat een organisatie die haar ANBI-status verliest, het opgebouwde ANBI-vermogen binnen een afzienbare periode moet besteden aan een algemeen nuttig doel. Dat kan op twee manieren:
door het vermogen zelf in te zetten voor een algemeen nuttige activiteit; of
door het vermogen over te dragen aan een andere ANBI.
Een dergelijke uitkering aan een andere ANBI is vrijgesteld van schenkbelasting bij de ontvanger. De staatssecretaris stelt voor om vast te leggen dat het ANBI-vermogen binnen twee jaar na het verlies van de ANBI-status aan een algemeen nuttig doel moet zijn besteed. Het voornemen is om deze verplichting per 1 januari 2029 op te nemen in de Uitvoeringsregeling AWR.
Wij vinden een dergelijke verplichting op zichzelf begrijpelijk. Wel vinden wij dat de regeling verder moet worden aangescherpt in elk geval voor organisaties waarvan de ANBI-status door de Belastingdienst wordt ingetrokken. De periode van twee jaar wordt nu gerekend vanaf de datum dat de Belastingdienst besluit de status in te trekken. De periode van twee jaar zou pas moeten ingaan als dat besluit onherroepelijk is geworden, dan wel na de finale uitspraak in bezwaar of beroep. Wij zijn benieuwd hoe de staatssecretaris dit aandachtspunt zal verwerken in de verdere uitwerking van de regeling in de Uitvoeringsregeling AWR.
ANBI-portals: verkenning gestart
De staatssecretaris geeft aan dat er een verkenning is gestart om de ANBI-portals technisch mogelijk te maken. Dit is in het kader van de uitbreiding van de toezichtscapaciteit en het verbeteren van de informatiepositie een belangrijke stap. Transparantie en toezicht zijn nu al essentieel om het doel en het vertrouwen in de regeling te behouden. Naar verwachting moeten de portals in 2029/2030 gereed zijn. Wij zijn blij dat de staatssecretaris ook vindt dat verbetering van het toezicht op ANBI’s hier niet op kan wachten. Inmiddels is daarom door het ministerie een handhavingsplan opgesteld, waarin onder andere wordt ingezet op versterking en uitbreiding van de samenwerking met de filantropische sector. Wij kennen het handhavingsplan overigens nog niet.
Die samenwerking krijgt concreet vorm via het vernieuwde samenwerkingsconvenant dat op 2 december jl. is ondertekend door de Belastingdienst, de Commissie Normstelling, het CBF, Toezicht op goeddoen, en Goede Doelen Nederland. Met dit convenant bevestigen de betrokken partijen het belang van een sterke publiek-private samenwerking in het toezicht op goede doelen, een belangrijke en betekenisvolle mijlpaal voor de sector.
Wij gaan graag over de periode tot realisatie van de ANBI-portals in gesprek en dragen uiteraard graag bij om de informatievoorziening, transparantie en het toezicht te blijven faciliteren en borgen, bijvoorbeeld via bestaande informatiebronnen/databases en sectorale regelgeving, codes en zelfregulering. Dit vermindert niet alleen de toezichtlast voor de Belastingdienst, maar ook de administratieve lasten voor de instellingen zelf.
Adviesrapport Beter Geven III
Het kabinet zal voor de zomer met een officiële reactie op het adviesrapport Beter Geven III over een alternatief voor de afgeschafte regeling ‘geven uit de vennootschap’ komen. De staatssecretaris kondigt aan dat hierbij zal worden ingegaan op hoe zich dit verhoudt tot de rentmeestervennootschap (steward ownership).
Eind mei hebben een aantal leden uit de Commissie Beter Geven en CIO, FIN en Goede Doelen Nederland een eerste oriënterend gesprek gevoerd over een alternatief met het ministerie van Financiën. Wij zien uit naar de Kamerbrief.
Vervolg
In het voorjaar van 2026 hebben Goede Doelen Nederland, CIO, Fondsen in Nederland, VrijwilligerswerkNL en Partos gezamenlijk onderzoek gedaan naar de ervaringen van organisaties met de ANBI-status. Dit onderzoek brengt knelpunten in kaart die organisaties ervaren rond ANBI-wetgeving, het ANBI-besluit en de uitvoeringspraktijk.
Deze zomer gaan wij met het Ministerie van Financiën in gesprek over de resultaten met als doel om het ANBI‑stelsel verder te versterken, te verduidelijken en beter uitvoerbaar te maken.
Goede Doelen Nederland en CIO zijn blij met de Kamerbrief Stand van zaken verbetermogelijkheden ANBI-regeling en kijken uit naar een verdere constructieve samenwerking met het Ministerie van Financiën rondom ANBI en andere thema's.